
 |
Olympische
Spelen 1932 in Los Angelos
Voor de tweede maal trok men voor de
Spelen naar de Verenigde Staten van Amerika. Ditmaal was
het de beurt aan Los Angeles, die moesten proberen om de
slechte indruk die de Spelen van Saint-Louis hadden nagelaten
uit te wissen. De Amerikanen zagen alles zeer groots, ook al
had men de geld- kraan dichtgedraaid. Het beroemde Colisseum dat
in 1923 al klaar was had men uitgebreid van 75.000 plaatsen naar
105.000 plaatsen meteen
het grootste Olympisch stadion dat er was geweest. Hier werd
ook het eerste echte Olympische dorp gebouwd. De invloed van
het nabij gelegen Hollywood ging ook niet onopgemerkt
voorbij, zo bestond het personeel dat instond voor de bewaking van het dorp uit verklede cowboys te paard. De verre reis
had natuurlijk zijn invloed op het aantal deelnemers 1.408, onder wie 127 vrouwen, uit 37 landen. Het I.O.C. had van zijn
kant de inschrijvingen per nummer be- perkt tot drie per land.
Ondanks de inspanningen om zeer
vooruitstrevende technische middelen ter beschikking te stellen
waren er toch enkele storende incidenten. Zo liep men
tijdens de 3.000 meter steeplechase één ronde te veel en had
men bij de 200 meter één van de banen slecht opgemeten, wat
het verlies van de zwar- te Amerikaan Ralph Metcalfe in de hand
werkte. Een opmerkelijk figuur was William Carr. Hij versloeg
de grote favoriet Benjamin Eastman op de 400 meter in de
nieuwe wereldrecordtijd van 46 seconden 2. Als 17-jarige was
Carr het slachtoffer geworden van een auto-ongeluk waarbij hij
beide enkels brak. Dankzij zware inspanningen die hij moest
leveren om er weer bovenop te komen lukte het hem om een Olympische titel te behalen. Eén jaar later werd Carr door een
tram omvergereden en bleef voor het leven gehandicapt. De
grote vedette van de Spelen was een vrouw: de Amerikaanse
Mildred Didrikson, bijgenaamd "Babe". Zij was de
vrouwelijke James Thorpe als het ware. Tijdens haar eerste
officiële wedstrijd verbeterde ze het wereldrecord
speerwerpen. Tijdens de Spelen won ze de 80 meter horden en
het speerwerpen en werd tweede in het hoogspringen. Dit
laatste nummer had ze misschien ook nog gewonnen maar de
officials weigerden haar een poging omdat ze met haar hoofd
vooruit over de lat was gesprongen.
De zwemwedstrijden konden op veel
belangstelling rekenen van de vedetten van het witte doek. Het
waren de Japanners die het zwemmen bij de mannen domineerden
ze lieten slechts één titel aan een tegenstander. De Amerikaan Clarence "Buster" Crabbe won de 400 meter
vrije slag. Na de Spelen te- kende "Buster" een
filmcontract als de nieuwe Tarzan.
Andere favorieten van het
publiek waren het hockeyteam van India, dat wel niet zo'n
volslagen super- matie aan de dag legden als bij de vorige
Spelen maar toch een record score wisten te vestigen door de
Verenigde Staten te verslaan met 24-1. Hierbij waren maar
liefst twaalf doelpunten van Roop Singh. In het waterpolo
tornooi vestigde Hongarije een doelpuntenrecord door Japan een
gevoelige neder- laag toe te dienen met de cijfers 18-0.
De oudste gouden medaille
winnaar in Los Angeles was Xavier Lesage uit Frankrijk die het
ruitersport onderdeel dressuur won op de leeftijd van 46 jaar
en 290 dagen. De jongste winnaar was Kusuo Kima- tura uit
Japan hij de won de 1.500 meter vrije slag op een leeftijd van
14 jaar. Bij de dames was de jongste kampioene Claire Dennis
uit Australië, ze was de beste op de 200 meter borstslag, ze
was slechts 16 jaar en 117 dagen. De oudste dameskampioene was
Lilian Copeland uit de Verenigde Staten die goud veroverde bij
het discuswerpen toen ze 27 jaar was.
Ondanks alle twijfels over de
wereldeconomie en de organisatie bleken deze tiende Olympische
Spelen een groot succes, getuige het totaal aantal
toeschouwers van 1,25 miljoen en het batig saldo van on- geveer 1 miljard dollar. |

 |
Olympische
Spelen 1936 in Berlijn
Toen men in 1931 besliste
de Spelen van XIde Olympiade in Berlijn te houden kon men nog
niet ver- moeden dat deze Spelen heel wat moeilijkheden
tegemoet gingen. Het was pas vanaf 1933 toen Adolf Hitler
Rijkskanselier werd dat de toewijzing aan Berlijn op heel wat
verzet begon te stuitten. Vooral in de Verenigde Staten werd
een campagne gestart om de Olympische Spelen ergens anders te
organise- ren. Het was Avery Brundage de voorzitter van het Amerikaanse Olympische Comité die er toch voor zorgde dat de
Olympische Spelen in Berlijn zouden plaats hebben. Hitler had
uitdrukkelijk beloofd het Olympische handvest naar de letter
te volgen en bovendien beloofd van geen enkele daad van rassen-
discriminatie te stellen.
Hij verzette zich niet tegen
de opname van een schermster van joodse afkomst, Helena Mayer.
Maar toch waren deze Olympische Spelen een ware propaganda voor het
Nazisme. Zo werden er nieuwe stadions gebouwd werden er wegen
aangelegd en dit alles om de wereld te overtuigen van de
Duitse militaire macht. Ondanks het naleven van het Olympische
handvest werden er in de straten optochten gehouden van de
Hitler jeugd, waren er overal gewapende soldaten aanwezig en
wapperden er overal vlaggen met hakenkruisen.
Maar de grote held van de Spelen was een zwarte Amerikaan,
James Cleveland Owens, beter bekend als Jesse O wens. Hij was
een atleet met uitzonderlijke klasse. In Berlijn nam hij
tussen 2 en 9 augus- tus deel aan 12 wedstrijden,
schiftingen inbegrepen. Hij won achtereenvolgens de finales
van de 100 meter in 10.3 seconden, het verspringen met 8.6
meter, de 200 meter in 20.8 seconden en samen met Ralph
Metcalfe, Foy Draper en Frank Wykoff de 4x100 meter in 39.8
seconden.
De wedstrijd die het meest tot de verbeelding
sprak was het verspringen. Hier moest Owens het opne- men
tegen de Duitser Luz Long, de andere favoriet. Deze wedstrijd
werd bijgewoond door Hitler zelf. Tijdens de kwalificatiesprongen liep het bijna slecht af voor Owens. De
wereldrecordhouder had zijn merktekens slecht geplaatst en
daardoor waren zijn eerste twee sprongen ongeldig. Bij de
derde po- ging lukte hij maar net de kwalificatie afstand van
7.15 meter. 's-Middags tijdens de finale was Owens op zijn
best. Van bij zijn eerste sprong had hij voorsprong genomen op
Long en die voorsprong blijf hij behouden tot bij de vijfde
sprong van Long, deze sprong 7.87 meter ver precies even ver
dan Owens maar de Duitser had een betere tweede sprong en
stond dus aan de leiding. Bij zijn vijfde poging con- centreerde
Owens zich bijna volle twee minuten op zijn sprong. Met
zijn lange veerkrachtige benen nam hij zijn aanloop, kwam
vervolgens los van de balk en landde 7.94 meter ver. De
Duitser Long was verslagen. Als apotheose sprong hij bij zijn
laatste poging nog 8.06 meter. Hitler zag wit van woede en
verliet vroegtijdig het stadion.
De zwarte Amerikaanse
atleten behaalden nog andere mooie overwinningen zo won Archie
Williams de 400 meter, John Woodruff versloeg de grote
favoriet, de Italiaan Mario Lanzi, op de 800 meter en Cor-
nelius
Johnson won het hoogspringen met 2 meter 03. Toch was het
Duitsland dat het meeste aantal medailles behaalde: 181 tegen
124 voor Amerika. Dit feit werd aanzien als een overwinning
voor het Nazi-regime en kon dit weer gebruikt worden als een
propaganda middel. De kanosport en het basket- bal maakten
hun officiële Olympisch debuut, nadat beide zich bij eerdere
Olympische Spelen bij de demonstraties hadden mogen presenteren. De
uitvinder van het basketbal, dr James Naismith, was in Berlijn
getuige van de opmerkelijke overwinningsreeks van het team van
de Verenigde Staten.
Na afloop van de Spelen werd een
schitterende film, getiteld Olympiade, uitgebracht onder regie
van Leni Riefenstahl. Sommigen beweerden dat die film pure
propaganda was voor de nazi's, anderen be- schouwen deze film
nog steeds als de beste beelddocumentatie van welke Olympische
Spelen dan ook. Pierre de Coubertin die
in Berlijn niet aanwezig was overleed op 2 september 1937 ten
gevolge van een hartaanval. |
|
Olympische
Spelen 1940 in Londen
De Olympische Spelen van 1940
zouden worden gehouden in Londen. Het uitbreken van de
Tweede Wereldoorlog verhinderde de doorgang ervan.
|
|
Olympische
Spelen in 1944 in Tokio
Aangezien er in 1944 nog steeds oorlog
woedde vervielen ook deze Olympische Spelen die in Tokio
zouden worden gehouden.
|



Fanny Blankers-Koen
Vier gouden medailles
Koningin van de
Olympische Spelen
Lees ook:
Fanny
Blankers-Koen
'De legende is
niet meer,
de mythe
leeft voort' |
Olympische
Spelen 1948 in Londen
Net als Antwerpen in 1920
mocht nu Londen de eerste na-oorlogse Spelen organiseren. De
wereld moest nog bekomen van de vele verwoestingen
en de miljoenen doden. In Londen was een tekort aan vlees,
boter en melk. De Amerikanen legden een luchtbrug aan om hun
atleten te bevoorraden, maar de andere deelnemers moest het
stellen met wat de organisatoren hen te bieden hadden. Het
Olym- pisch dorp in Uxbridge was ver afgelegen van het centrum
en had meer het uitzicht van een legerka- zerne. Maar ondanks al
deze moeilijkheden waren er een record aantal deelnemers van
4.099 atleten uit 59 landen. Duitsland, Japan en de Sovjetunie
waren er niet bij, de eerste twee om de gekende redenen en de
Sovjetunie omdat het aarzelde zich aan te sluiten bij de
Olympische beweging.
Op sportief vlak waren het weinig
hoogstaande Spelen. Van de deelnemers van 1936 in Berlijn
bleven er niet veel meer over, velen waren gesneuveld en
anderen waren te oud. De Zweden gespaard geble- ven van de
oorlog werden als de grote favorieten aanzien in de atletiek.
Maar de Scandinavische atle- tiekbond had zijn beste twee
atleten, Gunder Hägg en Arne Andersson, voor inbreuk op de
amateurs- regels geschorst.
De Amerikanen bewezen nog maar eens hun
grote rijkdom in de breedte. Een goed voorbeeld hiervan was
Harisson Dillard, hij was de beste op de 110 meter horden van
dat moment, maar op de Ameri- kaanse selectiewedstrijden kwam
hij ten val en was uitgeschakeld voor deelname op de 110 meter
horden. Hij slaagde er wel in zich te kwalificeren voor de 100
meter. Tot ieders verbazing won hij in Londen de finale van de
100 meter voor de grote favoriet Ewell die de armen te vroeg
omhoog stak ten teken van de overwinning.
De Spelen van Londen brachten ook twee grote atleten naar
voren. De eerste de Tsjechoslovaakse legerluitenant Emil
Zatopek. Op de 5.000 meter werd hij nog verslagen door de Belg
Gaston Reiff maar de 10.000 meter won hij op een manier die
tot de verbeelding sprak. Zatopek maakte er een harde wedstrijd van, men kon de pijn zo van zijn gezicht aflezen maar
hij bleef er een hels tempo op nahou- den. De tweede grote
atleet was een vrouw de Nederlandse Fanny Blankers- Koen. Zij
slaagde erin de prestatie van Jesse Owens over te doen. Zij
ging ook naar huis met vier gouden medailles
Tragische ontwikkelingen waren er in het ruitertoernooi,
waar de landenwedstrijd dressuur gewonnen werd door Zweden.
Echter een jaar later werden de Zweden gediskwalificeerd toen
bekend werd dat een lid van het team, Gehnäll Persson, geen
officier was zoals de toernooireglementen voorschreven.
In het schermen behield Ilona Elek uit
Hongarijë de titel die ze in 1936 gewonnen had, ofschoon ze
in Londen al meer dan 41 jaar oud was. Haar zuster Margit
behaalde de 6de plaats. De kampioen van 1932, de Oostenrijkse
Ellen Müller-Preis, werd derde. Een nog imposantere veteraan
was Heikki Savo- lainen, de beroemde Finse turner die in zijn
vierde Olympiade zijn allereerste gouden medaille won bij het
paard met bogen, hij was toen al 41 jaar.
Het zeiltoernooi bracht het einde van een
lange Olympische carrière, toen de kampioen in de
Double-Sprint klasse van 1912, Ralph Craig, verscheen in een
ongeplaatste boot van de Amerikaanse Draken- klasse. Maar men
beleefde eveneens het begin van een andere lange loopbaan
namelijk die van de Brit Durward Knowles, die in de volgende 6
Olympische Spelen voor de Bahama's zou uitkomen |
|